• Fijnstof

  • Fijnstof in Den Haag Te veel fijnstof voor 420.000 Nederlanders DEN HAAG - Eén op de veertig Nederlanders woonde in 2006 op een plaats waar te veel fijnstof in de lucht voorkwam. Dat heeft het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) woensdag gemeld. Dit komt neer op in totaal 420.000 Nederlanders. Fijnstof is een vorm van luchtvervuiling die bij inademing schadelijk kan zijn voor de gezondheid. Mensen kunnen door langdurige blootstelling aan fijnstof eerder sterven. (Bron Nu.nl 28-05-2008)

  • Luchtweg aandoeningen in Nederland Meer chronische luchtwegaandoeningen in het Gooi en vechtstreek en Noordoosten In Nederland geeft 7,6% van de bevolking aan dat ze één van de chronische aandoeningen van de luchtwegen hebben. Het hoogste percentage inwoners met klachten aan luchtwegen is te vinden in de regio's Gooi en Vechtstreek (10,9%) en Drenthe (10,0%). Alleen deze twee regio's en Groningen (9,5%) scoren significant boven het landelijk gemiddelde. In de regio's Zuid-Holland Zuid en Eemland is het aandeel inwoners met klachten aan luchtwegen minder dan 6%. Van deze twee regio's scoort alleen de regio Zuid-Holland Zuid significant onder het gemiddelde. Astma, chronische bronchitis en emfyseem zijn chronische aandoeningen van de luchtwegen die worden gekenmerkt door klachten als (chronisch) hoesten, opgeven van slijm en/of kortademigheid. Voor meer informatie over deze ziekten verwijzen we naar het Nationaal Kompas Volksgezondheid. In de kaart is informatie weergegeven afkomstig van enquêtes uit het CBS. Het CBS heeft mensen gevraagd aan te geven of ze last hebben van astma, chronische bronchitis, longemfyseem of COPD hebben gehad. De regionale verschillen worden niet verklaard door regionale variaties in leeftijd en geslacht, omdat voor deze factoren is gecorrigeerd. Om te weten welke waarde aan een verschil ten opzichte van het Nederlandse gemiddelde mag worden gehecht, is een kaart met significantieniveaus opgenomen. (bron RIVM)

  • relatie tussen fijnstof en vroegtijdige sterfte Fijn stof in de lucht kan leiden tot gezondheidsklachten en zelfs tot voortijdige sterfte. Bij ongeveer 1700 tot 3000 sterfgevallen per jaar speelt de relatie tussen voortijdige sterfte en het inademen van fijn stof een rol. Dit blijkt uit epidemiologische studies van het Nederlands Aërosol Programma, waarin RIVM, TNO, ECN en IRAS van de Universiteit van Utrecht samenwerken. Fijn stof is een mengsel van deeltjes van verschillende grootte en verschillende samenstelling. Sommige onderdelen van fijn stof zijn meer schadelijk voor de gezondheid dan andere onderdelen. De bron van fijn stof is waarschijnlijk bepalend voor de schadelijkheid. Zo lijkt fijn stof afkomstig van de uitstoot door verkeer schadelijker voor de gezondheid dan bijvoorbeeld stofdeeltjes afkomstig uit de bodem. Het oorzakelijk verband tussen blootstelling aan de verschillende deeltjes en de mechanismen waarop dit de gezondheid beïnvloed is nog niet duidelijk. Gezondheidseffecten treden niet pas boven een bepaalde drempelwaarde op. Zelfs van fijn stof concentraties ver onder de huidige Europese normen zijn gezondheidseffecten in de bevolking te verwachten. Hierbij is de aard van de deeltjes bepalend voor de schadelijkheid. Metingen wijzen uit dat de afgelopen tien jaar de gemiddelde fijn stof concentraties in Nederland gedaald zijn. Deze daling is tot stand gekomen door het huidige Nederlandse en Europese beleid. In de toekomst zal de fijn stof concentratie hierdoor waarschijnlijk verder dalen. De resultaten van het Nederlands Aërosol Programma worden door de Nederlandse overheid gebruikt bij evaluatie van de Europese fijn stof richtlijn in 2003. De belangrijkste aanbeveling van dit onderzoek is de bestrijding toe te spitsen op de meest schadelijke fractie van het fijn stof. Dit betreft waarschijnlijk met name het dieselroet uit de vervoerssector en fijn stof afkomstig van overige verbrandingsprocessen. Dergelijke bronnen verdienen prioriteit in het beleid voor uitstootbeperking van fijn stof. Daarnaast is het gewenst voor het fijnste stof een aparte normstelling of een meer brongerichte normstelling te ontwikkelen. Ook adviseert het Nederlands Aërosol Programma voorlopig de huidige Europese norm (PM10) als maat voor fijn stof niveaus in de buitenlucht te blijven hanteren. Dit is nu de Europese standaard voor luchtverontreiniging door grove èn fijnere stofdeeltjes. In de toekomst is het gewenst voor deeltjes kleiner dan PM10 een aparte of meer brongerichte normstelling te ontwikkelen. Bron : RIVM

  • Fijnstof in de lucht schaadt hartpatiënten Rotterdam, 9 sept. Luchtverontreiniging door fijnstof veroorzaakt bij hartpatiënten acute afwijkingen in het cardiogram. Deze kunnen duiden op een verminderde bloedtoevoer naar het hart of een ontsteking van de hartspier. Dat schrijven onderzoekers van Harvard University vandaag online in het wetenschappelijke tijdschrift Circulation. De onderzoekers zagen duidelijk dat als er meer roet, fijnstof en zwaveldioxide in de lucht zit er in de cardiogrammen al snel meer zogeheten ST-segmentdepressies ontstonden. Die afwijkingen in de hartactiviteit duiden meestal op een verminderde bloedtoevoer van de hartspier, maar ze treden ook op als de spier ontstoken is. De afwijkingen waren zichtbaar op het cardiogram, maar de deelnemers hadden zelf geen hartklachten. Luchtverontreiniging leidt op termijn tot een toename van hart- en vaatziekten. Ook de sterfte aan hart- en vaatziekten neemt toe door fijnstof. Dat er een acuut effect is, is echter nieuw. Britse onderzoekers beschreven vorig jaar dat één uur blootstelling aan fijnstof al tot de genoemde depressie van het ST-segment leidt. Dat was echter in een laboratoriumexperiment. Het nieuwe experiment bevestigt die labresultaten door metingen in de alledaagse praktijk. De onderzoekers verkregen de gegevens door 48 hartpatiënten uit Boston te voorzien van apparaatjes die 24 uur lang automatisch de elektrische activiteit van het hart meten en de gegevens opslaan. Alle deelnemers waren in de voorgaande maand gedotterd vanwege een hartinfarct of pijnklachten op de borst. Bij de dotterprocedure wordt een verstopte slagader rond het hart weer geopend. De opgenomen cardiogrammen werden per half uur gemiddeld. Ze werden gerelateerd aan de gelijktijdig gemeten luchtverontreiniging met roet en fijnstof kleiner van 2,5 micrometer (1 micrometer is 0,001 millimeter). Deze deeltjes vormen een maat voor de vervuiling door autoverkeer. Daarnaast werd ook de blootstelling aan zwaveldioxide en koolmonoxide bepaald. De vraag waardoor inademing van roet of fijnstof juist deze verandering in het ST-segment bewerkstelligt, is nog onbeantwoord. Ook is niet duidelijk of herhaalde blootstelling aan fijnstof bij deze kwetsbare patiënten tot nieuwe klachten kan leiden. De onderzoekers zagen dat de afwijkingen bij de kwetsbaarste patiënten het grootst waren. Bron : NRC Wetenschap 9-9-2008

  • ‘Ultrafijnstof schadelijker dan fijnstof’ UTRECHT - Elke fietser weet hoe het kan stinken, als hij tussen brommers staat te wachten voor een stoplicht bij een drukke weg met langsrazend verkeer. Van vrachtwagens en oude auto’s is bekend dat ze de lucht vervuilen, maar brommers zijn tot nog toe buiten schot gebleven in de discussie over luchtkwaliteit. Brommer is nog vuiler dan vrachtwagen Ten onrechte, blijkt uit metingen van ultrafijnstof door de Fietsersbond. Een vrachtwagen stoot per seconde ongeveer 30 duizend deeltjes per kubieke centimeter uit. Een scooter stoot er per seconde nog iets meer uit, zo’n 35 duizend deeltjes per kubieke centimeter. ‘Brommers zijn al langer verdacht, vanwege hun verbrandingstechniek’, zegt Fred Woudenberg, hoofd afdeling leefomgeving van de GGD Amsterdam. ‘Maar het is verbazingwekkend dat de uitstoot zo hoog is.’ Woudenberg benadrukt dat meer onderzoek nodig is. Maar hij ondersteunt de oproep van de Fietsersbond om de vervuiling door brommers aan te pakken. ‘Brommers leveren een bijdrage aan de uitstoot die schadelijk is voor de gezondheid, dat is wat dit onderzoek laat zien. En daarbij staan brommers ook op het gebied van geluidshinder op nummer 1.’ Fijnstof (PM10), deeltjes in de lucht die kleiner zijn 10 micrometer, is de laatste jaren bekender geworden. Niet alleen vanwege het gevaar voor de volksgezondheid, maar ook vanwege de Europese regels die ervoor zijn gesteld; menig bouwproject is vanwege deze fijnstofnormen stilgelegd. Voor ultrafijnstof (PM0,1), deeltjes die nog veel kleiner zijn, bestaan nog geen specifieke normen. Vooral langs drukke wegen is de concentratie ultrafijnstof hoog: de deeltjes klonteren vrij snel samen, in de eerste 200 tot 300 meter van de weg af, tot ‘gewoon’ fijnstof. De Fietsersbond heeft ervoor gekozen juist dit ultrafijnstof te meten, omdat hiermee het beste is aan te tonen hoeveel directe invloed het verkeer heeft op de luchtvervuiling. Want ‘gewoon’ fijnstof bestaat voor het grootste gedeelte uit zeezout, bodemstof en andere natuurlijke bronnen, en vervuiling die uit het buitenland komt aanwaaien. Nationale milieumaatregelen hebben volgens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) alleen invloed ‘op de 15 procent fijnstof die we zelf veroorzaken’. Nu blijkt bovendien dat dit ultrafijnstof schadelijker is dan de veel grotere deeltjes ‘gewoon’ fijnstof. ‘Waarschijnlijk omdat de kleinere deeltjes gemakkelijker dieper in de longen kunnen doordringen’, aldus toxicoloog Flemming Cassee van het RIVM. ‘Wij maken ons grote zorgen over de gevolgen van ultrafijnstof.’ Het RIVM doet mee aan internationaal onderzoek naar de invloed van luchtverontreiniging op hart- en vaatziekten en op hersenaandoeningen zoals alzheimer en parkinson. De wetenschappers onderzoeken ook wat het effect is op de gezondheid van die kortdurende pieken van het inademen van veel ultrafijnstof, bijvoorbeeld in verkeerssituaties. Daarover is nu nog veel onbekend. Wel is bekend dat mensen die wonen langs drukke wegen meer luchtwegproblemen hebben, waarschijnlijk vanwege de concentraties ultrafijnstof. ‘Een van de hypothesen is dat cellen in de longen die virussen opruimen, afsterven onder invloed van deze deeltjes’, aldus fijnstofspecialist Bert Brunekreef van de Universiteit Utrecht. Woudenberg van de GGD Amsterdam vindt het daarnaast belangrijk om juist ultrafijnstof te meten, omdat die metingen het effect van het verkeer op de gezondheid benoemen. Nu is er bijvoorbeeld veel protest tegen het plan om auto’s van vóór 1992 uit het Amsterdamse centrum te weren. ‘Dan zeggen liefhebbers van oldtimers: de concentratie fijnstof (PM10) gaat maar zo’n klein beetje omlaag als wij de stad niet meer in mogen. Maar op de concentratie ultrafijnstof (PM0,1) in de lucht hebben vieze auto’s een veel groter effect. Op een autoloze zondag meten wij 40 procent minder ultrafijnstof dan andere dagen. Bron : Volkskrant 28-2-2008

  • ‘Aan fijnstof stel je je kind niet bloot’ LEIDERDORP - De rijksweg A4 raast op negentig meter van daar waar de ingang van de nieuwe Brede School in Leiderdorp moet komen. Het is een herrie waar je tegen moet kunnen, maar volgens de bezorgde ouders Karin Laurens (46) en Loek Wagenaar (49) niet het ergste. „Het is vervelend dat we tegen elkaar moeten schreeuwen. Maar wat je hier niet ziet, is op lange termijn veel schadelijker. Als je alleen al ziet wat er in de huizen hier op het wasgoed en de kozijnen komt, en dan denkt dat je daar dichter bij zit en dat constant inademt. Daar wil je je kinderen niet aan blootstellen.” Vandaag spreekt de Tweede Kamer andermaal over de Wet Luchtkwaliteit. Strengere Europese wetgeving noopt Nederland tot maatregelen. Maar welke, voor wie, wanneer, waar, en waarom? De Kamer overweegt rond snelwegen een vaste minimale afstand in te stellen waarbinnen niet mag worden gebouwd. De vraag is alleen: wat is een veilige afstand? In ieder geval lijkt men het er over eens te zijn dat er snel maatregelen moeten komen voor kwetsbare bestemmingen, zoals scholen, ziekenhuizen, kinderopvang en seniorenwoningen. De twee ouders, vertegenwoordigers van de Vereniging Weg van de Snelweg, hebben inmiddels een archief over fijnstof met de omvang van een dorpsbibliotheek. „We weten er zo onderhand alles van. Maar dit is geen doen. Daarom zou je met duidelijke regels moeten komen: Als je zegt dat driehonderd meter de grens is, weet iedereen in Nederland waar hij aan toe is. Nu komen er telkens andere berekeningen.” Leiderdorp is geen op zichzelf staand geval. Omdat er wordt uitgegaan van zogenoemde grenswaarden, is het berekenen of een plek gevaarlijk is, een zaak van metingen en aannames. De ouders vechten al jaren een slechts door gevorderde wiskundigen nog te begrijpen cijferstrijd. Onlangs werd voor de rechter een slag gewonnen, waarop de gemeente met een nieuw rapport kwam. Dat rapport toont aan dat de plek wel aan de normen zou voldoen, en dat er toch een school kan komen. Ook dat rapport wordt weer bevochten. Cijferen over fijnstof blijft goochelen met gegevens: zondagen en werkdagen, meten vanaf de wegas of vanaf de wegrand, aannames over verkeer in 2015, meten bij regenachtig weer of op een tropische dag, enzovoorts, enzovoorts. De Gemeentelijke Gezondheidsdiensten in Nederland vinden daarom ook dat er een vaste afstand voor ‘gevoelige bestemmingen’ moet komen. Een woordvoerder van GGD Nederland legt uit: „De afstand tot de weg is vaak een betere voorspeller, dan de componenten op zich, omdat dit een maat is voor het hele mengsel van verkeersgerelateerde luchtverontreiniging. Uit onderzoek blijkt vooral dat het wonen en het naar school gaan op minder dan honderd meter van de snelweg, nadelig is voor de gezondheid.” Andere deskundigen, zoals Menno Keuken van TNO, zeggen dat het altijd lastig blijft iets te zeggen over veilige afstanden. Keuken: „In feite is het altijd een lokale afweging: wil je precies weten wat je waar kunt bouwen, zul je altijd de exacte gegevens moeten verzamelen. We rekenen met modellen tot een kilometer aan weerszijden van de weg. Het gaat erom om een zo veilig mogelijke situatie te maken.” De gemeente wacht de nieuwe procedure af, de ouders ook. Een kopzorg hebben ze al minder: de kwestie sleept inmiddels zo lang, dat hun eigen kinderen nooit naar de school langs de snelweg zullen gaan. Keuken: „Maar daar gaat het ons niet meer om. Het is jammer dat het zo moet. Al die uren die wij er aan kwijt zijn geraakt, al het geld dat al die rapporten heeft gekost. Was er een duidelijke regel, dan hadden we de afgelopen jaren heel wat tijd kunnen winnen.” Bron : Algemeen Dagblad 26-07 2007

  • Fijnstof: verbeteren van de luchtkwaliteit in de EU Fijnstof is een mengsel van deeltjes van verschillende grootte en verschillende samenstelling. Sommige typen fijnstof zijn schadelijker voor de gezondheid dan andere. De precieze samenstelling en herkomst van de totale hoeveelheid fijnstof is nog niet helemaal vast te stellen. Een deel is afkomstig uit natuurlijke bronnen, zoals opwaaiend stof en 'zeezout aërosol'. Een ander deel bestaat uit de verzurende emissies ammoniak, stikstofoxiden en zwaveldioxide. De meest schadelijke emissies zijn afkomstig uit het wegverkeer. Het gaat dan bijvoorbeeld om roetdeeltjes in uitlaatgassen, en stofresten van remschijven en koppelingsplaten. Andere bronnen van fijn stof zijn uitlaatgassen van de zeescheepvaart en de binnenvaart, verbrandingsprocessen in de industrie, en houtkachels in woningen. Fijnstof in de lucht kan leiden tot gezondheidsklachten en zelfs tot voortijdige sterfte. In Nederland speelt fijnstof jaarlijks bij ongeveer 1.700 tot 3.000 (vroegtijdige) sterfgevallen een duidelijke rol. Dit blijkt uit studies van het Nederlands Aërosol Programma, waarin RIVM, TNO, ECN en IRAS van de Universiteit van Utrecht samenwerken. Te veel uitstoot van fijnstof leidt bovendien tot neerslag van verzurende stoffen (zure regen), wat slecht is voor gewassen, bossen en planten. Bovendien brengt deze luchtverontreiniging ook schade toe aan gebouwen en monumenten. Het door mensen geproduceerde fijnstof in de Nederlandse lucht is voor tweederde deel afkomstig uit het buitenland. De rest is van Nederlandse oorsprong. Toch is Nederland een netto-exporteur van fijnstof. We 'exporteren' drie keer meer dan we 'importeren'. Uit dat oogpunt lijkt internationale samenwerking bij het aanpakken van fijnstofvervuiling een logische stap. Milieuloket: meer informatie over fijnstof Milieu- en Natuurplanbureau en RIVM: fijnstof nader bekeken Bron : Mileuloket